Deze blogpost is geschreven door: Illuminous
Een goed passend hoofdstel hoort comfortabel te liggen, met zo min mogelijk druk en zo veel mogelijk stabiliteit. De pasvorm moet per paard worden bekeken omdat geen enkel model elk hoofd hetzelfde past.
Waarom pasvorm zo belangrijk is
Een hoofdstel dat niet goed ligt, kan druk geven op gevoelige plekken van het hoofd terwijl het paard stilstaat, beweegt of slikt. Dat kan dan ongemak en prestatieverlies veroorzaken. Ongepast tuig kan ook leiden tot gedragsproblemen en blessures.
De belangrijkste onderdelen om te controleren
Het kopstuk
Het kopstuk moet comfortabel over het achterhoofd liggen, achter de oren, zonder te knellen. Je moet er met je hand nog soepel onder kunnen voelen, zonder dat het strak aanvoelt.
De frontriem
De frontriem mag het kopstuk niet naar voren trekken en mag ook niet te lang zijn, zodat hij gaat openstaan of gapen. Er hoort ongeveer 2 vingers ruimte te zijn, zodat de oren niet bekneld raken.
De neusriem
Een goed afgestelde neusriem mag niet bedoeld zijn om de mond van het paard dicht te houden. Bij een correcte pasvorm moet je nog twee vingers onder de neusriem krijgen. De neusriem mag ook niet zo laag zitten dat hij de zachte delen van de neusgaten belemmert, want paarden ademen uitsluitend via de neus. De FEI (Fédération Équestre Internationale) beschouwt een neusriem als te strak als een meetinstrument niet comfortabel eronderdoor kan. Te strak afgestelde neusriemen kunnen tijdens wedstrijden worden afgekeurd of bestraft.
De bakstukken
De bakstukken moeten parallel met jukbeenderen lopen en de gespen horen ongeveer ter hoogte van de ooghoek te zitten. Als ze te lang zijn, komen de gespen te hoog te liggen en dat kan druk op het kaakgewricht.
Het bit
Het bit moet vlak in de mond liggen, met een lichte plooi in de mondhoeken. Aan beide kanten moet je ongeveer een centimeter ruimte hebben. Ook hier geldt dat de maat en vorm moeten passen bij de individuele mond van het paard.
Signalen dat het hoofdstel niet goed past
Let op signalen zoals weerstand tegen het hoofdstel, contact ontwijken, vaker de mond openen, hoofdschudden en onrust of ongemak bij het opzadelen.
Praktische vuistregels
Kijk niet alleen naar de maat, maar naar het totaalplaatje van de hoofdvorm, bewegingsvrijheid en drukverdeling. Een hoofdstel dat op papier klopt, kan in de praktijk nog steeds verkeerd liggen, vooral als de onderdelen niet goed op elkaar zijn afgestemd. Controleer de pasvorm daarom regelmatig, zeker als je paard verandert in bespiering, gewicht of training.Laat bij twijfel een ervaren hoofdstel fitter meekijken, want kleine aanpassingen kunnen veel comfort opleveren.
Conclusie
Een goed passend hoofdstel is stil, stabiel en vriendelijk voor het paardenhoofd. Als uitgangspunt geldt: geen druk op gevoelige plekken; geen beknelde neusgaten, geen te strakke neusriem en geen onderdelen die het paard naar beweging of kauwen belemmeren.
Bron: Thowra_uk, CC BY 2.0, via Wikimedia Commons